We vragen veel van het onderwijs. Misschien wel te veel.

Door Eric Bosman 

“Wie beter onderwijs wil, moet het anders organiseren.” Die uitspraak van hoogleraar en bestuurder Klaas van Veen tijdens zijn key-note speech op ons jaarlijkse Onderwijsontbijt verdient wat mij betreft een plek boven menig Haags onderwijsplan. Want voor ieder probleem lijkt inmiddels een programma, subsidieregeling of interventie beschikbaar. Alleen stellen we veel minder vaak de vraag wat scholen nodig hebben om zelf blijvend goed onderwijs te organiseren. En uiteindelijk belandt de rekening van al onze goede bedoelingen opvallend vaak op hetzelfde bureau: dat van de leraar.

Gewend
We zijn eraan gewend geraakt om bij maatschappelijke vraagstukken naar het onderwijs te kijken. De leesvaardigheid moet omhoog. We willen inclusiever onderwijs. Meer aandacht voor burgerschap en digitale geletterdheid. Kansenongelijkheid bestrijden. Jongeren leren omgaan met AI, desinformatie en polarisatie. Stuk voor stuk belangrijke opgaven, essentieel zelfs. Maar hoeveel kan een school eigenlijk dragen? En hoe voorkomen we dat al die ambities uiteindelijk worden vertaald in nog iets wat de leraar erbij moet doen?

Andere bril
Klaas zette tijdens ons Onderwijsontbijt een andere bril op. We zoeken verklaringen voor tegenvallende resultaten gemakkelijk bij leraren, scholen en besturen, terwijl de manier waarop we het onderwijs organiseren minstens zo bepalend is. Wie andere resultaten wil, moet daarom niet alleen vragen of professionals het goede doen, maar ook of we hun werk goed hebben georganiseerd.

Schoolkracht
Die gedachte raakt voor mij de kern van wat wij binnen OON nu Schoolkracht zijn gaan noemen. Een krachtige school is niet een school die iedere nieuwe beleidsprioriteit netjes weet te implementeren. Het is een school die het vermogen heeft om zelf duurzaam goed onderwijs te organiseren. Waar leraren niet als individuele uitvoerders voor hun eigen klas staan, maar samen verantwoordelijkheid dragen voor de ontwikkeling van kinderen. Waar goed leiderschap, een professionele cultuur, kwaliteitszorg en de juiste expertise bij elkaar komen.

En het gaat in de kern natuurlijk helemaal niet over organisaties. Het gaat over de ontwikkeling en persoonsvorming van kinderen en jongeren. Wat moeten zij meekrijgen in een wereld waarin AI steeds meer van ons kan overnemen en overtuigende onzin binnen enkele seconden geproduceerd kan worden? Goed kunnen lezen, schrijven en rekenen blijft essentieel. Maar er is meer nodig. Kennis kunnen wegen. Verschillende perspectieven onderzoeken. Kritisch denken. Samenwerken. Creëren. Verantwoordelijkheid nemen.

Sterker
Klaas haalde pedagoog Lea Dasberg aan, die een prachtige vraag stelde: hoe leren we kinderen en jongeren om op het juiste moment te durven dwarsliggen in plaats van meelopen? Voor mij raakt dat aan waar onderwijs ten diepste over gaat. En het zegt iets over de rol van onderwijsadviesbureaus. Wie scholen duurzaam sterker wil maken, heeft soms expertise van buiten nodig. Niet om het werk van leraren en schoolleiders over te nemen, maar om naast hen te staan. Om kennis en ervaring in te brengen, mee te kijken, te spiegelen en samen te werken aan verbeteringen die beklijven. Dat is wat ik bij onze leden zie. Onderwijsadviseurs die zich nauw verbonden voelen met de maatschappelijke opdracht van het onderwijs en vaak jarenlang met scholen optrekken. Niet de adviseur of zijn interventie staat centraal, maar de vraag wat een school nodig heeft om zelf sterker te worden.

Samenwerking
De grote vraagstukken in het onderwijs zijn bovendien te complex om bij 1 partij neer te leggen om op te lossen. Het zijn wicked problems. Scholen, overheid, kennisinstellingen, maatschappelijke organisaties en private partijen beschikken allemaal over een deel van de kennis, ervaring en uitvoeringskracht die nodig is. De vraag zou wat mij betreft dan ook minder vaak moeten zijn wie iets doet – publiek of privaat – en veel vaker wat die samenwerking scholen, leraren en kinderen daadwerkelijk oplevert?

Dat vraagt ook iets van Den Haag. Minder stapelen van tijdelijke programma’s, regelingen en interventies. Meer investeren in sterke scholen en in de professionele ondersteuning daaromheen. Want wie werkelijk voor leraren is, moet niet steeds meer van hen vragen. We moeten zorgen dat ze er niet alleen voor staan.

Verder lezen
Lees ook de publicatie van Klaas van Veen over waarom duurzame onderwijsverbetering vraagt om anders organiseren.

Eric Bosman is directeur-bestuurder van Onderwijsontwikkeling Nederland, de landelijke branchevereniging voor onderwijsondersteuning.

We vragen veel van het onderwijs. Misschien wel te veel.